Posts tonen met het label RIE. Alle posts tonen
Posts tonen met het label RIE. Alle posts tonen

dinsdag 10 januari 2012

Preventieve maatregelen

Ik weet niet hoe het met u is, maar tijdens deze januaristormen, ben ik ontzettend blij dat er mensen zijn die voortdurend onze dijken en andere slimme water-buiten-de-deur-houd-oplossingen bewaken. Ondanks enkele zwakkere plekken, zitten we er toch met z'n allen lekker droogjes bij. Ik ga in ieder geval met een gerust hart slapen.

Toch woedt er op de achtergrond een politieke discussie over de Waterschappen; de instellingen die ons zo goed beschermen. Duur, maar in tijden zoals deze van grote waarde. Dankzij ons gemeenschappelijk historisch besef, zijn we er met z'n allen van overtuigd dat ze nodig zijn. Over de structuur en de kosten van deze preventieve maatregel kan worden gediscussieerd.

Uiteraard zie ik een directe relatie met ons vakgebied. Ook binnen organisaties bestaat er - naast het misverstand wat preventieve maatregelen nu eigenlijk zijn - voortdurend discussie of deze maatregelen nu wel zo ontzettend nodig zijn. Het is toch altijd goed gegaan? Nu ben ik van mening dat het feit dat het altijd is goed gegaan, geen harde garantie is dat het ook altijd goed is geDAAN. Het kan best zo zijn dat u soms best een beetje geluk hebt (gehad). Een medewerker die op het laatste moment nog even alert is, bijvoorbeeld.

Om in te kunnen schatten of en welke preventieve maatregelen nodig zijn, moeten processen goed worden begrepen. De mensen van de Waterschappen hebben - in rustige tijden - de situatie in Nederland in kaart gebracht. En welke problemen zich waar kunnen voor doen. Vervolgens hebben ze geanalyseerd wat de mogelijke gevolgen van deze problemen zijn. Op basis hiervan - en de beschikbare middelen - zijn passende maatregelen worden genomen. In het geval van de Waterschappen zal 'overstroming' en 'dijkdoorbraak' als mogelijke problemen in kaart zijn gebracht. Niet alleen 'overlast', maar ook een behoorlijke economische schade mag worden verwacht als gevolg. Iedereen begrijpt dat dan de preventieve maatregelen best wat mogen kosten.

In uw organisatie kunt u ook - in rustige tijden, dus niet ad hoc als een project al is gestart - mogelijke probleemsituaties in kaart brengen. U kunt ook verschillende analyses daar op los laten. En u kunt ook passende maatregelen nemen om te voorkomen dat de problemen zich daadwerkelijk voor doen. Kost u even tijd (en dus geld). Dus goed rekenen mag best.

Nu zullen er best mensen zijn die van mening zijn dat we de Waterschappen hebben gefaald. Want: een dijkdoorbraak. Dus: weggegooid geld. Uiteraard zal de (grond)oorzaak moeten worden onderzocht. Maar laten we eerlijk zijn: het overgrote deel van de Nederlandse bevolking heeft gewoon droge voeten gehouden. Zonder daar zelf over te hoeven nadenken.

Ook in uw organisatie zult u soms moeite moeten doen om elkaar er van te overtuigen dat preventieve maatregelen nodig zijn. Want het 'historisch' besef, zoals bij over waterwerken, ontbreekt vaak. En ook binnen uw organisatie zal best alsnog wel eens iets fout gaan. En toch. Iedereen met een beetje verstand van zaken én betrokkenheid, weet dat het nodig is om vooruit te komen met uw organisatie. Het is niet voldoende om alleen in actie te komen als het 'water over de dijken' komt. Dan bent u te laat.

Daarom, zorg dat u weet waar u mee bezig bent. Waar uw mogelijke problemen liggen. En weeg af wat uw maatregelen moeten zijn. Voer deze op een verstandige wijze in. Kijk naar de kosten. Schrijf deze over meerdere jaren af, want onze dijken beschermen ons inmiddels ook al tientallen jaren. En blijf monitoren en analyseren of u nog steeds de meest effectieve (en efficiënte) maatregelen heeft ingevoerd.

maandag 24 oktober 2011

Ongevalsrapport: de hilarische toelichting.

Je hebt ongevallen en je hebt ongevallen. En ik begrijp heus dat - zeker bij een 'bijna-ongeval' het vervelend kan zijn een rapport in te moeten vullen. Toch is het belangrijk om het wel te doen, zei zij een beetje streng. Kan een organisatie veel van leren. Maar soms, in bijzonder gevallen, behoeft zo'n formulier een toelichting. En hoe vervelend het ongeval ook is, zo'n toelichting kan een schaterlach opleveren. Zoals het verhaal van de metselaar hieronder. In het Engels, dat wel.

Dear Sir,

I am writing in response to your request for additional information. In block number 3 of the accident reporting form, I put "trying to do the job alone" as the cause of my accident. You said in your letter that I should explain more fully, and I trust that the following details will be sufficient:
I am a bricklayer by trade. On the day of the accident, I was working alone on the roof of a new six-story building. When I completed my work, I discovered that I had about 500 pounds of brick left over. Rather than carry the bricks down by hand, I decided to lower them in a barrel by using a pulley which, fortunately, was attached to the side of the building, at the sixth floor.

Securing the rope at ground level, I went up to the roof, swung the barrel out, and loaded the brick into it. Then I went back to the ground and untied the rope, holding it tightly to insure a slow descent of the 500 pounds of bricks. You will note in block number 11 of the accident reporting form that I weigh 135 pounds.

 Due to my surprise of being jerked off the ground so suddenly, I lost my presence of mind and forgot to let go of the rope. Needless to say, I proceeded at a rather rapid rate up the side of the building.
In the vicinity of the third floor, I met the barrel coming down. This explains the fractured skull and broken collar bone.

Slowed only slightly, I continued my rapid ascent, not stopping until the fingers of my right hand were two knuckles deep into the pulley. Fortunately, by this time, I had regained my presence of mind and was able to hold tightly to the rope in spite of my pain.

At approximately the same time, however, the barrel of bricks hit the ground and the bottom fell out of the barrel. Devoid of the weight of the bricks, the barrel now weighed approximately fifty pounds.
I refer you again to my weight in the block number 11. As you might imagine, I began a rapid descent down the side of the building. In the vicinity of the third floor, I met the barrel coming up. This accounts for the two fractured ankles and the lacerations of my legs and lower body.
The encounter with the barrel slowed me enough to lessen my injuries when I fell onto the pile of bricks and, fortunately, only three vertebrae were cracked.

I am sorry to report, however, that as I lay there on the bricks in pain, unable to stand, and watching the empty barrel six stories above me. I again lost my presence of mind.

I let go of the rope...

woensdag 6 juli 2011

Over muurtjes kijken

Bijblijven op ons vakgebied; voor ons van strategisch belang. Niet alleen zitten we van tijd tot tijd met het hele team bij elkaar om onderwerpen inhoudelijk uit te diepen, ook proberen we zoveel mogelijk kennis 'van buiten' te vergaren.

En dan moet je wel eens over muurtjes kijken. Niet alleen in je eigen kringetje blijven ronddraaien, maar de grote buitenwereld verkennen. Uiteraard vinden we dat leuk. Maar ook nuttig omdat we in onze opdrachten de slimste oplossingen willen toepassen. Voor onze klanten, bedoel ik dan natuurlijk.

Een aangename aanpak daarbij is 'gewoon' het afleggen van een bedrijfsbezoek. Keer op keer blijken relaties binnen ons vakgebied bereid om kennis te delen. Zelf doen we dat natuurlijk ook, in de vorm van onze ISOLUNCH.

Dit keer een bedrijfsbezoek aan een van de grote multinationals van het land. De veiligheidsfunctionaris ontving ons in alle openheid. Uiteraard nadat alle veiligheidsprotocollen bij de ingang waren afgehandeld. Geen muisje ongezien in of uit. Want stel dat er een incident plaatsvindt, dan moet wel bekend zijn wie er allemaal aanwezig zijn.

Zonder agenda hebben we gesproken over de invulling van het veiligheidsbeleid binnen een dergelijke grote organisatie. Omdat wij natuurlijk ook wel eens 'iets' met veiligheid en veiligheidsmanagementsystemen hebben gedaan - om het eens eufemistisch uit te drukken, konden we gelukkig ook het nodige terug geven. Zo kreeg onze gesprekspartner een aardig beeld hoe 'veiligheid' buiten zijn branche wordt beleefd. Een win-win situatie noemen we dat met enige overdrijving.

Een korte rondleiding langs de productie- en logistieke processen is vanzelfsprekend een feest voor procesdenkers. Het blijft fascinerend om te zien hoe de complexe productieprocessen schijnbaar moeiteloos verlopen. Wetende dat parallel de nodige 'borgingsprocessen' zijn ingevoerd.

Op het eerste gezicht lijkt alles eenvoudig, maar wie verder kijkt ziet veel meer. Onder andere de verschillende veiligheidsmaatregelen. Sommigen heel zichtbaar in de vorm van fysieke afzettingen. Andere maatregelen veel subtieler, bijvoorbeeld in de vorm van aangeleerd gedrag van medewerkers.

Bewustwording is ook hier het toverwoord. Het veiligheidsmanagementsysteem - misschien niet aardig om te zeggen - is niet al te geavanceerd. Geen sprankelende software. Veel Word- en Excel-bestanden gaan heen en weer. En toch werkt het. Ook bij deze grote multinational.

Voor ons prettig om te weten. Want hoewel we overtuigd zijn dat (de bewustwording van) mensen centraal moeten staan bij het inrichten van een managementsysteem, is het wel heel prettig om dit ook weer 'ns buiten de eigen parochie bevestigd te zien. En natuurlijk heel prettig om toch weer ideeën te hebben opgedaan hoe mensen te betrekken bij - in dit geval - veiligheid.

Onze dank gaat uiteraard uit naar de veiligheidsfunctionaris die ons wilde ontvangen. We nemen er een biertje op.

maandag 25 oktober 2010

Column - Radio

Sinds de 5e editie van jaargang 26 (kortom; afgelopen juli) schrijf ik een column in het vakblad "Kwaliteit in Bedrijf".  Ik wil u die natuurlijk niet onthouden. De vierde leest u hieronder. 

Alle columns krijgen  - hoe toepasselijk - het label "column". 

Radio

Je hebt klanten en je hebt klanten. Persoonlijk ben ik gek op hardwerkende (kleinere) ondernemers. En niet louter omdat ik er eigenlijk zelf eentje ben. Die ondernemers kiezen niet altijd uit absolute overtuiging voor certificatie, dat weet ik ook best. Maar ook een RI&E  (Risico Inventarisatie & Evaluatie) valt voor velen in de categorie ‘gedoe’. Het is nu eenmaal wettelijk verplicht, don’t shoot the messenger.

Enfin, zo werd ik een aantal jaren geleden ingeschakeld door een kleinschalig installatiebedrijf, alwaar de arbeidsinspectie een bezoekje aan de werkplaats had gebracht en het bedrijf had gewezen op het ontbreken van de wettelijk verplichte RI&E. En niet de eerste keer, zo bleek. Er zou een boete volgen tenzij het bedrijf nog binnen een afzienbare termijn aan haar verplichting kon voldoen. Feest der herkenning.

“Er is zo’n *piep* langs geweest van de *piep* inspectie en nou moet ik een of ander arborapport anders krijg ik een boete, *piep* Kunt u dat even regelen?”, klonk het aan de andere kant van de telefoon. Daar zat geen woord Frans bij. Ik maak uiteraard een afspraak en tref een week later een alleraardigste man die zich van geen kwaad bewust lijkt en zich afvraagt of ondernemers nog mogen ondernemen in dit land. Een veel gehoorde frustratie. Ik luister naar zijn toch vermakelijke en kleurrijk gebrachte verhaal en start ondertussen alvast de laptop op.

De inventarisatie verloopt een beetje moeizaam. Niet uit onwelwillendheid, maar laat ik het voorzichtig uitdrukken; uit gebrek aan relevante kennis. Op de vraag of er tijdens de werkzaamheden wellicht sprake is van hinderlijk geluid of lawaai - gezien eventuele gehoorschade, begrijpt u - antwoordt de man: “Nee, hoor. We zetten de radio dan altijd wat harder”.

We hebben nog een lange weg te gaan…

donderdag 14 januari 2010

Veranderingen in de nieuwe BHV opleidingsstructuur

Omdat een blogpost over de inhoudelijke wijzigingen van de nieuwe BHV opleidingen nooit kwaad kan:

Kijkend naar de Arbo-wet 2007 dienen BHV'ers
te beschikken over een zodanige opleiding en uitrusting, en zodanig in aantal te zijn en bovendien
zodanig georganiseerd, dat zij de BHV-taken naar behoren kunnen vervullen. Ook moeten alle werknemers binnen een organisatie voorgelicht zijn over BHV binnen het bedrijf.

Om erachter te komen wat deze taken zijn en welke opleiding is vereist, wordt de RI&E als uitgangspunt gebruikt. De RI&E biedt namelijk inzicht in risico’s op de werkplek. Risico’s op de werkplek die voorkomen kunnen worden en risico’s die niet voorkomen kunnen worden, zoals: ongevallen (botbreuken, open wonden, snijwonden, brandwonden etc.), branden (door vaste-, vloeibare stoffen, gassen, elektriciteit en metaalbranden) en externe dreiging (gaslekkages of explosie). Maar ook branche specifieke risico’s zoals: werken op hoogte, werken in een besloten ruimte of kruipruimte, werken in de nabijheid van of op het water etc. komen in de RI&E terug.

Omdat elk bedrijf anders is, wordt er een tool ontwikkeld. Deze tool helpt bedrijven bij het maken van de juiste keuze voor de opleiding van de BHV'ers. De tool bestaat uit 10 vragen. Er zijn twee uitkomsten mogelijk, namelijk:

  • De Basisopleiding BHV is geschikt, even­tueel in combinatie met aanvullende BHV­-opleidingen of enkel onderdelen van de basisopleiding. Dit is geheel afhankelijk van de antwoor­den op de vragen.


  • Er kan worden volstaan met een BHV­ instructie voor micro bedrijven. Hiermee worden bedrijven bedoeld met minder dan zeven werknemers en geen andere restrisico's lopen. De BHV instructie bestaat uit twee onder­delen: de instructie Brandbestrijding en Ontruiming en Niet-spoedeisende Eerste Hulp.

Het doel van de nieuwe opleidingsstructuur is om de restrisico’s in elke branche te voorkomen door maatwerk te leveren.

Het voordeel van de nieuwe opleidingsstructuur is de uitbrei­ding van de mogelijkheden binnen de Basisopleiding BHV en BHV herhaling.

Naast de Basisopleiding BHV Eerste Hulp kunnen er ook losse certificaten wor­den behaald voor BHV Niet-spoedeisende Eerste hulp en/of BHV Spoedeisende Eerste Hulp. Dit geldt ook voor de Basisopleiding BHV Brandbestrijding en Ontruiming of losse certificaten voor BHV Brandbestrijding en/of BHV Ontruiming.

Bij de herhalingen kan de herhaling com­pleet worden aangevraagd of combina­ties van verschilende elementen. Kandidaten die de complete basis- en herhalingsopleiding BHV volgen ontvangen een diploma en een BHV-pasje.

Voor de voorlichting over BHV kan de werkgever zelf een bewijs van deelname afgeven. Het bewijs van deelname voor de BHV voor micro bedrijven wordt, zoals de bij de basis en de herhaling, afgegeven door en geregistreerd bij het NIBHV.

woensdag 26 augustus 2009

Werken met een verreiker

Het hebben van een erkend SSVV certificaat voor het werken met een verreiker is sinds juni 2009 binnen de petrochemie verplicht. Werken met een verreiker doe je niet zomaar. Vanwege de complexiteit en de risico’s, is het werken met een verreiker door de branches vastgesteld als specifiek risicovolle taken. Hou hier rekening mee als u een veiligheidsmanagementsysteem (lees: VCA Petro) gaat opzetten en implementeren. Ook eigen medewerkers van de bij VNCI, VNPI. Deltalings, Nogapa en SIR aangesloten bedrijven behoren dit certificaat ook te bezitten als er met een verreiker wordt gewerkt.

De SSVV en de TCVT (= schemabeheerder voor veilig verticaal transport) hebben een opleiding opgezet, waardoor het behalen van een erkend certificaat mogelijk is geworden. Omdat ieder bedrijf anders is, hebben de SSVV en de TCVT 3 opleidingen vastgesteld (klik op de tabel voor een vergroting):








Het behalen van een verreiker certificaat heeft ook voordelen. Het geeft vrijstellingen voor de volgende certificaten:
· Werken met een vorkheftruck
· Werken met een statische boom hoogwerker
· Werken met een mobiele verticale Hoogwerker

Bron: SSVV

dinsdag 25 augustus 2009

Verandering opleidingsstructuur BHV

In de afgelopen periode zijn er diverse bijeenkomsten georganiseerd ivm de nieuwe opleidingsstructuur voor de opleiding bedrijfshulpverlening, ook wel bekend als 'BVH opleiding'.

Vanaf 1 september 2009 is het mogelijk om deel te nemen aan de opleiding BHV nieuwe stijl en is het nieuwe examenreglement van kracht. De invoering van de nieuwe stijl verloopt geleidelijk. Voor 1 januari 2010 kan deelgenomen worden aan zowel de oude en de nieuwe stijl, maar na 1 januari 2010 wordt volledig overgegaan op de nieuwe stijl.


Het overgrote deel van de opleidingen zal naar verwachting, ook in de toekomst, bestaan uit een complete basisopleiding of een complete herhaling (zoals nu). Naast deze complete opleiding, wordt vanaf 1 september 2009 ook de mogelijkheid geboden om voor een deelcertificaat te kiezen.


Ook kunnen de complete opleidingen worden aangevuld met vakspecifieke onderwerpen zoals bijvoorbeeld adembescherming of procedure gevaarlijke stoffen etc. Het is dan de bedoeling dat er maatwerk wordt geleverd.

woensdag 6 mei 2009

Een filmpje is soms gewoon leuker...

Een belangrijke veiligheidsboodschap op uiterst Amerikaanse wijze:




woensdag 27 augustus 2008

Risico-inventarisatie ondergeschoven kindje

Uit een onderzoek dat de Bond van Nederlandse Architecten (BNA) heeft laten uitvoeren blijkt dat meer dan de helft van de architectenbureaus geen - wettelijk verplichte - Risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) uitvoert.

En dat terwijl er een prima branche-RI&E voorhanden is.Uit het onderzoek blijkt dat 45 procent van de bureaus een actuele risico-inventarisatie heeft. Dit betekent dus dat ruim de helft van de architectenbureaus niet aan de wettelijke eis voldoet. Een derde van de bureaus geeft aan helemaal geen RI&E te hebben, circa zeventien procent zegt er wel een te hebben, maar dat deze geactualiseerd dient te worden. Vijf procent van de bureaus weet niet eens of er een RI&E is.


Een goed uitgevoerde RI&E geeft volgens de BNA een helder en systematisch overzicht van alle arborisico’s op het bureau en geeft bovendien aan welke van deze risico’s het meest urgent zijn. Aan de hand van een verplicht Plan van Aanpak kunnen de risico’s gestructureerd aangepakt worden. Om het voor architectenbureaus eenvoudig te maken op verantwoorde wijze aan de wettelijke verplichting te voldoen, is er in juni 2005 een branche-RI&E ontwikkeld.


Sinds april 2008 is er een nieuwe, geactualiseerde versie beschikbaar. Indien gebruik wordt gemaakt van deze branche RI&E, zijn bureaus tot en met 25 werknemers gedurende de looptijd van de CAO niet meer verplicht deze te laten toetsen door een gecertificeerde deskundige. De branche-RI&E is ontwikkeld in opdracht van Ctrl Arbo Architecten. Dit is een initiatief van Stichting Fonds Architectenbureaus waarin de BNA is vertegenwoordigd, samen met de vakbonden.




Bron: Architectenweb

woensdag 7 november 2007

Veiligheid heftrucks, kranen en machines vaak niet in orde

Het is vaak slecht gesteld met de veiligheid van heftrucks, kranen en machines. In bijna de helft van de bedrijven in de transportsector die de Arbeidsinspectie heeft bezocht, is iets mis. De apparaten zijn slecht onderhouden, een Nederlandse gebruiksaanwijzing ontbreekt of goederen worden onveilig opgeslagen in onstabiele magazijnstellingen. In vergelijking met eerdere inspecties in 2004 en 2005 is de situatie niet veel verbeterd.

Jaarlijks vallen vijf dodelijke slachtoffers bij ongelukken met heftrucks en moeten zo’n 200 mensen met verwondingen naar het ziekenhuis. Daarom bekeek de Arbeidsinspectie van april 2006 tot en met maart 2007 bij ruim vijfhonderd bedrijven hoe de veiligheid van kranen, heftrucks en machines is geregeld. De meeste inspecties vonden plaats bij laad-, los- en overslagbedrijven, bij expediteurs en bij verhuurders van materieel.

Maar liefst 22 keer heeft de Arbeidsinspectie het werk stilgelegd. Dit gebeurt alleen als er direct gevaar is. In totaal constateerde de inspectie 521 overtredingen. Behalve slecht onderhouden apparaten en onveilige werkomgevingen gaat het om ontbrekende gebruiksaanwijzingen, valgevaar (onbeveiligde magazijnstellages en bordessen) en blootstelling aan gevaarlijke stoffen, zoals dieselmotorenemissie. Apparaten die door diesel worden aangedreven stoten namelijk kankerverwekkende stoffen uit. Werknemers worden daartegen onvoldoende beschermd. Verder weten de bedrijven vaak niet precies wat de risico’s zijn voor de werknemers of nemen ze geen of onvoldoende maatregelen om deze aan te pakken.

De inspecties laten zien dat bedrijven vaak niet op de hoogte zijn van de regels rond trillingen. De gebruiksaanwijzing van heftrucks vermeldt in vier van de vijf gevallen niet aan welke trillingen de gebruiker blootstaat. Waar dat wel het geval is, kan langdurig gebruik - bijvoorbeeld door fulltime heftruckchauffeurs - in de helft van de gevallen leiden tot onaanvaardbaar hoge blootstelling. Dat kan leiden tot rugklachten, hernia en aantasting van de wervelkolom. Werknemers krijgen onvoldoende voorlichting over deze gezondheidsrisico’s.

De Arbeidsinspectie houdt de komende tijd de vinger aan de pols, bijvoorbeeld door regelmatig overleg te organiseren met de brancheorganisaties. Uiteindelijk zijn de bedrijven zelf verantwoordelijk voor veilige en gezonde werkomstandigheden. De brancheorganisaties kunnen dit stimuleren door informatie te geven, oplossingen voor te stellen of door bijvoorbeeld een keurmerk in te stellen. De Arbeidsinspectie bespreekt met de branche welke maatregelen genomen worden en voert waar nodig opnieuw controles uit.

Bron: Ministerie van SZW

maandag 17 september 2007

Arbeidsinspectie controleert arbeidsomstandigheden gehandicaptenzorg

De Arbeidsinspectie controleert de komende maanden of werknemers in de gehandicaptenzorg veilig en gezond werken. Vooral door verkeerd of te zwaar te tillen zijn zij soms langdurig uitgeschakeld. Tot het eind van het jaar bezoeken de inspecteurs meer dan 170 instellingen.

De controles op ruim 500 locaties zijn een vervolg op een inspectie uit 2004. Toen bleek dat vooral de aanpak van lichamelijk zwaar werk achterbleef. Het gevolg was dat werknemers soms lange tijd thuiszaten met vooral klachten aan rug, armen of schouders. Inmiddels zijn allerlei hulpmiddelen ontwikkeld om patiënten bijvoorbeeld makkelijker uit bed te tillen. De Arbeidsinspectie wil nu kijken of deze hulpmiddelen overal aanwezig zijn en op de juiste manier worden gebruikt.

De inspecteurs controleren verder of werknemers voldoende bescherming hebben tegen besmetting met ernstige infectieziektes als HIV en hepatitis. Dit risico lopen ze vooral bij bloed afnemen, injecties geven en wondverzorging van onrustige of angstige cliënten. Daarnaast is de bescherming van werknemers tegen lichamelijke en psychische agressie en geweld van cliënten en patiënten een belangrijk onderwerp. Ze bekijken ook of instellingen goed zijn voorbereid op noodsituaties, zoals brand. Goede instructies en maatregelen zijn hierbij belangrijk, vooral omdat het gaat om kwetsbare mensen die vaak aan bed gekluisterd zijn.

Ook controleert de Arbeidsinspectie of de zogeheten arbobrochure leidt tot verbeteringen in de werkomstandigheden. Deze brochure is onlangs verspreid onder alle instellingen voor gehandicaptenzorg en geeft informatie over de belangrijkste veiligheids- en gezondheidsrisico’s in de branche. Op basis daarvan kunnen instellingen dan zelf maatregelen nemen.

Bron: Ministerie van SZW

donderdag 2 augustus 2007

Verplichte voorlichting en instructie door werkgevers

Werkgevers zijn verplicht om hun medewerkers goed te instrueren over het veilig uitvoeren van hun werkzaamheden. Dat roept bij zowel werknemers als werkgevers nog al eens vragen op. Ter verduidelijking het volgende:

Voorlichting en instructie

Veiligheid op het werk is een verantwoording voor de werkgever, ook als het gaat om een stageplaats. Daar hoort ook bij dat er duidelijke voorlichting is over de risico’s, de genomen maatregelen en hoe werknemers zelf risico’s kunnen beperken. Er moet toezicht zijn op de naleving van risicoverlagende maatregelen.

De werkgever heeft de verplichting om werknemers doeltreffend voor te lichten over de te verrichten werkzaamheden en de daaraan verbonden gezondheidsrisico’s. Werknemers zijn verplicht hieraan deel te nemen. Aandachtspunten zijn:

  • De voorlichting en instructie afstemmen op de resultaten van de RI&E.
  • De voorlichting en het onderricht aanpassen als gewijzigde omstandigheden hiertoe aanleiding geven.
  • Jonge werknemers moeten daarbij extra aandacht krijgen.
  • Een gebruiksaanwijzing, behorend bij een arbeidsmiddel, ter kennis gebracht van de betrokken werknemers.
  • Als machines in de directe omgeving gevaar voor de werknemers kunnen opleveren, worden zij hierop gewezen, ook als ze van deze machines geen rechtstreeks gebruik maken.

Is er sprake van tillen, dan moet de werkgever voorlichting geven over:

  • De gevaren van verkeerd tillen.
  • De wijze van tillen.
  • De beschikbare hulpmiddelen.

Ook moet de werkgever informatie verstrekken aan de werknemers over de gewichten en de verdeling van het gewicht over het object.

Is er sprake van geluidsniveaus boven 80 dB(A), dan wordt voorlichting gegeven over:

  • De gevaren voor het gehoor als gevolg van blootstelling aan geluid.
  • De bestaande regelgeving en de te nemen maatregelen.
  • De gevallen waarin persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking worden gesteld en de wijze waarop deze moeten worden gebruikt.
  • Het periodiek te herhalen audiometrisch onderzoek.
  • De markering van werkplekken waar geluidsniveaus boven de 85 db(a) optreden.

De werkgever moet kunnen aantonen dat voorlichting en instructie heeft plaatsgevonden. Vastleggen dus!

Eenmalige voorlichting en instructie blijven niet ‘hangen’. Fris kennis daarom regelmatig op.

Bron: Ministerie van SZW

dinsdag 19 september 2006

RI&E: Niet complex, wel wettelijk verplicht!

Anekdote
“Een RI&E” verzucht de ondernemer. “Ik moet een RI&E. Kunt u mij helpen?” Het ging als volgt:

Ik werd ingeschakeld door een kleinschalig installatiebedrijf, alwaar de arbeidsinspectie op bezoek was geweest en het bedrijf had gewezen op het ontbreken van de wettelijk verplichte RI&E (Risico Inventarisatie en evaluatie). Er zou een boete volgen tenzij het bedrijf nog binnen een afzienbare termijn aan haar verplichting kon voldoen. Feest der herkenning.

“Er is zo’n kerel langs geweest van de Arbeidsinspectie en nou moet ik een of ander arborapport anders krijg ik een boete. Kunt u dat even regelen?” Klonk het aan de andere kant van de telefoon. Ik maak uiteraard een afspraak en tref een week later een alleraardigste man die zich van geen kwaad bewust lijkt en zich afvraagt of ondernemers nog mogen ondernemen in dit land. Een veel gehoorde frustratie. Ik luister naar zijn vermakelijke verhaal en start ondertussen alvast de laptop op. Eigenlijk heb ik altijd veel sympathie voor dergelijke ondernemers.

De inventarisatie verloopt een beetje moeizaam. Niet uit onwelwillendheid, maar laat ik het voorzichtig uitdrukken; uit gebrek aan kennis. Een voorbeeld: Op de vraag of er tijdens de werkzaamheden wellicht sprake is van hinderlijk geluid of lawaai (gezien eventuele gehoorschade, begrijpt u), antwoordt de man: “Nee, hoor. We zetten de radio altijd wat harder”. We hebben nog een lange weg te gaan…

De wet
Sinds 1 januari 1994 is een RI&E een wettelijke verplichting voor werkgevers. Ook het ‘plan van aanpak’ is expliciet opgenomen in de wet en maakt sinds 1 november 1999 integraal deel uit van de RI&E.

Een RI&E geeft inzicht in de sterke en zwakke punten op het gebied van veiligheid, gezondheiden welzijn van het bedrijf. Elke werkgever moet onderzoeken of het werk gevaar kan opleveren of schade kan veroorzaken aan de gezondheid van de werknemers. Onderwerpen als arbobeleid, gevaarlijke stoffen, lawaai, lichamelijke belasting, ziekteverzuim, vluchtwegen, werkdruk, voorlichting, werken met beeldschermen en agressie komen hierbij aanbod. Dit onderzoek, dat schriftelijk moet worden vastgelegd, wordt een risico-inventarisatie en -evaluatie genoemd.

Een plan van aanpak met verbeteringsmaatregelen maakt dus deel uit van de RI&E. In het plan van aanpak moet de werkgever aangeven binnen welke termijn concrete maatregelen in verband met de geïnventariseerde risico's worden genomen. Tevens dient de werkgever jaarlijks te rapporteren aan de werknemers over de uitvoering van het plan van aanpak.

De RI&E dient te worden bijgesteld zodra gewijzigde werkmethoden, werkomstandigheden of technische innovaties hiertoe aanleiding geven. De Arbeidsinspectie controleert werkgevers op de naleving van deze RI&E-verplichting. Tevens toetst de Arbeidsinspectie de praktijkomstandigheden op de “werkvloer” aan de RI&E en het plan van aanpak.

Werkgevers hebben sinds een recente de wetswijziging meer flexibiliteit omtrent de RI&E:
Organisaties met ten hoogste 40 uur arbeid per week moeten een RI&E hebben, maar hoeven dat document niet te laten toetsen. Organisaties met ten hoogste 10 werknemers hoeven hun RI&E niet langer te laten toetsen, mits ze gebruik maken van een goedgekeurde branche-specifieke door een deskundige getoetst RI&E-instrument.

Voor organisaties waarvoor niet zo’n CAO-RI&E-instrument bestaat, en voor alle organisaties met meer dan 10 werknemers blijft een toets verplicht.

Let op: Bij het tellen van het aantal medewerkers geldt niet het aantal FTE’s, maar het aantal daadwerkelijke personen!

De uitvoering
Het uitvoeren van een RI&E is niet ingewikkeld. U volgt de volgende 4 stappen:

Stap 1. Inventarisatie.


Zorg voor een lijst met risico's in uw bedrijf. U kunt die lijst zelf opstellen, maar u kunt ook gebruikmaken van bestaande lijsten. Of u kunt uw RI&E door een arbodienst of deskundige laten uitvoeren. De lijst moet antwoord geven op de volgende vragen:
-Zijn er in het verleden ongevallen gebeurd in mijn bedrijf?
-Wat kan er op dit moment fout gaan in mijn bedrijf, zodat ongevallen of verzuim optreden?
-Hoe groot is de kans dat het gebeurt?
-Hoe beperk ik een risico? Of de schade als het toch misgaat?
-Welke maatregelen zijn nodig? En hoe voer ik ze door?
-Hoe zorg ik dat de maatregelen blijven werken?

Stap 2. Evaluatie.


Vergelijk alle risico’s van de lijst en zet ze in de goede volgorde onder elkaar. Welke risico's zijn het meest dreigend? Zijn er situaties in uw bedrijf die wettelijk niet zijn toegestaan? Welke risico's kunnen schade veroorzaken aan uw medewerkers, apparaten of het productieproces? Welke risico's zien uw medewerkers graag aangepakt? Welke aanpassingen zijn technisch mogelijk, en - ook belangrijk - hoeveel kunt u investeren?

Stap 3. Plan van Aanpak.

U heeft nu een lijst met “Things to Do”. De derde stap is: termijnen prikken voor het aanpakken van de risico’s in uw bedrijf. Wie gaat met welk risico aan de slag? En wanneer bent u tevreden? Wat levert het op? Kortom, een plan van aanpak. Zo lost u de risico’s één voor één op, bij voorkeur aan de bron. Misschien zijn er meer vliegen in één klap te slaan.

Stap 4. Toetsing

U moet nu uw RI&E laten toetsen door een gecertificeerde arbodienst of deskundige. Die kijkt of alle risico’s op de lijst staan. Of de situatie in uw bedrijf goed is weergegeven. Of de laatste normen en richtlijnen zijn gebruikt. Wat tien jaar geleden nog mocht, mag nu misschien niet meer. Een gecertificeerde arbodienst of deskundige toetst uw RI&E en adviseert bij het plan van aanpak. Vervolgens brengt u het plan van aanpak ten uitvoer. U overlegt de voortgang jaarlijks met uw werknemers, de OR of PV.

Succes!


Bron: rie.nl