maandag 25 oktober 2010

Column - Radio

Sinds de 5e editie van jaargang 26 (kortom; afgelopen juli) schrijf ik een column in het vakblad "Kwaliteit in Bedrijf".  Ik wil u die natuurlijk niet onthouden. De vierde leest u hieronder. 

Alle columns krijgen  - hoe toepasselijk - het label "column". 

Radio

Je hebt klanten en je hebt klanten. Persoonlijk ben ik gek op hardwerkende (kleinere) ondernemers. En niet louter omdat ik er eigenlijk zelf eentje ben. Die ondernemers kiezen niet altijd uit absolute overtuiging voor certificatie, dat weet ik ook best. Maar ook een RI&E  (Risico Inventarisatie & Evaluatie) valt voor velen in de categorie ‘gedoe’. Het is nu eenmaal wettelijk verplicht, don’t shoot the messenger.

Enfin, zo werd ik een aantal jaren geleden ingeschakeld door een kleinschalig installatiebedrijf, alwaar de arbeidsinspectie een bezoekje aan de werkplaats had gebracht en het bedrijf had gewezen op het ontbreken van de wettelijk verplichte RI&E. En niet de eerste keer, zo bleek. Er zou een boete volgen tenzij het bedrijf nog binnen een afzienbare termijn aan haar verplichting kon voldoen. Feest der herkenning.

“Er is zo’n *piep* langs geweest van de *piep* inspectie en nou moet ik een of ander arborapport anders krijg ik een boete, *piep* Kunt u dat even regelen?”, klonk het aan de andere kant van de telefoon. Daar zat geen woord Frans bij. Ik maak uiteraard een afspraak en tref een week later een alleraardigste man die zich van geen kwaad bewust lijkt en zich afvraagt of ondernemers nog mogen ondernemen in dit land. Een veel gehoorde frustratie. Ik luister naar zijn toch vermakelijke en kleurrijk gebrachte verhaal en start ondertussen alvast de laptop op.

De inventarisatie verloopt een beetje moeizaam. Niet uit onwelwillendheid, maar laat ik het voorzichtig uitdrukken; uit gebrek aan relevante kennis. Op de vraag of er tijdens de werkzaamheden wellicht sprake is van hinderlijk geluid of lawaai - gezien eventuele gehoorschade, begrijpt u - antwoordt de man: “Nee, hoor. We zetten de radio dan altijd wat harder”.

We hebben nog een lange weg te gaan…

maandag 20 september 2010

Column - Er was eens...

Sinds de 5e editie van jaargang 26 (kortom; afgelopen juli) schrijf ik een column in het vakblad "Kwaliteit in Bedrijf".  Ik wil u die natuurlijk niet onthouden. Hieronder nummer drie. 

Alle columns krijgen  - hoe toepasselijk - het label "column". 

Er was eens…

Verrassend vaak krijgen we de vraag om, als onderdeel van een certificatietraject, een handboek op te stellen waarin omschreven staat hoe het zou moeten en niet hoe het feitelijk gaat - normeisen even buiten beschouwing gelaten. Met oog op de toekomst, zeg maar. Dat klinkt heel onlogisch - en dat is het ook, maar ik begrijp het wel. Tenminste, ik begrijp de aanvankelijke gedachte wel. De directie heeft een beeld van de ideale situatie, wil de weg van de minste weerstand kiezen, en is ervan overtuigd dat als ze maar gewoon opschrijft hoe de organisatie moet worden ingericht, deze zich hierop automatisch aanpast. Helaas. Althans, ik heb het nog nooit zien gebeuren. Wat er wel gebeurt is dat het personeel de nieuwe werkwijze geenszins serieus neemt. Veel gehoord op de werkvloer; ”Ze doen het zelf toch ook niet (refererend aan de directie en hoger management), waarom zou ik dan wel veranderen?” Hakken gaan met verbazingwekkende snelheid in het zand. Massaal ook. Weerstand wordt een sport. Dat was nu precies niet de bedoeling.

Geen goed idee dus, zo’n handboek dat meer weg heeft van een wensenlijst dan een verzameling hout snijdende werkwijzen. Is het wellicht toch het overwegen waard om niet alleen goed te kijken naar wat u wilt met uw organisatie, maar om ook eens heel goed naar de medewerkers te luisteren? En wat als u die informatie weet te combineren met wat de klant feitelijk van u vraagt? En stel nou dat u de resultaten daarvan eens opschrijft?

Sprookjesboeken schrijven kan immers altijd nog. En oh ja; een handboek is geen dikke stoffige ordner vol ongelezen proza. Toch?

dinsdag 10 augustus 2010

Kwaliteit in Bedrijf - Artikel - 10 gouden regels voor een succesvol managementsysteem

En dit is er een in de categorie 'herhaling is de kracht van het onderwijs'. Speciaal voor de fijne mensen van de 'Kwaliteit in bedrijf' een artikel met ervaring in een nieuw jasje. Over hoe u de implementatie van een goed managementsysteem voor elkaar bokst.

10 gouden regels voor een succesvol managementsysteem

‘Gedoe’. ‘Papieren tijger’. ‘Rompslomp’. ‘Kost veel, levert weinig op’. Zo worden diverse managementsystemen soms omschreven. Onterecht, zeg ik. Een goed geïmplementeerd managementsysteem vertegenwoordigt geen van bovenstaande omschrijvingen maar houdt een organisatie scherp en laat haar continu verbeteren.

Laat ik de ISO 9001:2000 norm als voorbeeld aanwenden. Deze norm is bedoeld om helderheid, orde en rust te scheppen in een organisatie. Verbetermogelijkheden signaleren, efficiënter werken en kosten drukken. Het levert ‘en passant’ in veel branches ook nog een betere concurrentiepositie op. Een goed geïmplementeerd managementsysteem (bijvoorbeeld conform ISO 9001:2000) staat garant voor tevreden klanten. En u weet: Uw beste verkoper is een tevreden klant.

Ik help u graag een eindje op weg. Daarom 10 nuttige tips voor de implementatie van een succesvol managementsysteem:

1.    Bepaal doelstellingen en leg ze vast.
Een goede doelstelling voldoet aan het SMART-principe (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdsgebonden).

2.    Creëer draagvlak.
De implementatie verloopt een stuk soepeler wanneer iedereen meewerkt, dan wanneer de hakken collectief in het zand gaan. Motiveer de mensen die het systeem moeten dragen. Leg ze voldoende uit waarom iets op een bepaalde wijze moet gebeuren.

3.    Voer een nul-meting uit.
Bepaal de huidige positie van de organisatie. Leg het ‘sjabloon’ van het gewenste managementsysteem over de huidige situatie. Ga aan de slag met alle elementen die afwijken of ontbreken. Bekijk daarna pas de mogelijkheden ter verbetering van bestaande processen die al voldoen.

4.    Maak het managementsysteem op maat, gebaseerd op huidige werkwijze.
Ga dus niet met standaard handboeken aan de gang, of kopieën van een bevriende ondernemer. Een managementsysteem dat aansluit op de reeds bestaande werkwijze van de organisatie is vele malen makkelijker te implementeren en te onderhouden. Ieder bedrijf is uniek. Het uwe dus ook!

5.    Maak het niet ingewikkelder dan het is.
Dikke handboeken en ellenlange procedures waarin ieder detail is vastgelegd bevorderen de leesbaarheid niet. Bovendien zijn dergelijke systemen in de praktijk nauwelijks uitvoerbaar en handhaafbaar. U creëert zo uw eigen keurslijf. Eenvoud is in dit geval uw beste vriend.

6.    Zorg dat de directie actief betrokken is.
Uitdaging: Laat de directie ook zelf het eigen beleid uitdragen. Directieleden moeten immers het goede voorbeeld geven.

7.    Delegeer.
Wanneer taken worden verdeeld is implementatie -en vooral ook onderhoud- aanmerkelijk eenvoudiger. Denk bijvoorbeeld aan het vormgeven van een projectteam.

8.    Controleer en verbeter.
Houdt de voortgang goed in de gaten. Maak vooral gebruik van het plan-do-check-act model van Deming.
Plan:    Plan een verbeteractiviteit.
Do:    Voer een verbeteractiviteit uit.
Check:    Analyseer de resultaten van de verandering.
Act:    Voer de verbeteractiviteit “breder” uit met nieuwe kennis en inzichten.
 
9.    Vraag om hulp.
‘Bij twijfel niet inhalen’. Dat geldt ook voor de wijze waarop een managementsysteem wordt opgebouwd. Indien u niet beschikt over voldoende kennis en ervaring -of hieraan twijfelt- laat een expert u dan adviseren. De investering in een (goede!) adviseur verdient zichzelf gegarandeerd terug. Kunt u het prima zelf? Doen!

10.    Een managementsysteem is een middel, geen doel.
Ook al eist uw klant misschien een certificaat -en u gaat om die reden over tot een certificering- richt u niet primair op het behalen van dat certificaat, maar gebruik het systeem om uw organisatie te verbeteren en slagvaardiger te maken.

En eigenlijk nog een elfde tip waarmee ik wil afsluiten: Wanneer u kiest voor de implementatie van een managementsysteem, doe het dan goed. Natuurlijk bestaat de kans een papieren tijger te creëren. En het zou in het ergste geval kunnen uitmonden in veel heisa wanneer de organisatie er niet klaar voor is, of een geldverslinder lijken wanneer het beoogde rendement uitblijft. U heeft het echter allemaal zélf in de hand. Vergelijkt u het maar met de aanschaf van een goede stofzuiger. U deed deze investering om uw vloeren eenvoudig en snel schoon te krijgen. Helaas wordt de gebruiksaanwijzing niet gelezen en blijft het apparaat vervolgens in de kast staan. Het staat wel stof te vangen, maar niet op de manier zoals het werd bedoeld. Treft deze stofzuiger dan blaam voor uw steeds vuiler wordend karpet?

Kwaliteit in Bedrijf - Artikel - Nieuwe versie VCA kent nauwelijks wijzigingen

Niet alleen een bescheiden column mag ik soms tikken voor de Kwaliteit in Bedrijf, maar zo incidenteel schrijf ik ook een artikel. En u dacht toch niet dat ik u die weerhield? Over VCA 2008/5.1 dit keer.

 
Nieuwe versie VCA kent nauwelijks wijzigingen

 Met ingang van 1 april jl. is een nieuwe versie van VCA van kracht. De 5.1 versie om precies te zijn. Niet schrikken, de wijzigingen vallen erg mee. Deze nieuwe versie blijft dan ook de naam ‘VCA 2008’ dragen, daar de inhoudelijke veranderingen minimaal zijn. Er volgt slechts een eigen versienummer; 5.1 dus.  

De wijzigingen - met name in de procedure en de bijlagen - zijn het gevolg van de inwerkingtreding van de nieuwe norm ISO/IEC 17021 (accreditatienorm voor certificatie instellingen). De wijzigingen zijn eerder een verduidelijking van de 5.0 versie dan een concrete verandering.  

De belangrijkste wijzigingen som ik even voor u op in onderstaande tabel.


Een overzicht volledig overzicht treft u op www.vca.nl 

En dan is er natuurlijk nog een overgangsregeling. Deze zit iets anders in elkaar dan gebruikelijk. Als volgt:
  • Vanaf 1 mei 2010 dienen nieuwe contracten voor VCA certificatie te worden gebaseerd op VCA versie 2008/5.1.
  • VCA certificatie die is gecontracteerd vóór 1 mei 2010 kan nog worden gebaseerd op de oude versie (VCA versie 2008/05), met dien verstande dat na 1 november 2010 geen VCA certificaten meer mogen worden verstrekt op basis van VCA versie 2008/05.
  • Tussentijdse audits worden afgehandeld op basis van de VCA versie die is gehanteerd bij de initiële audit, respectievelijk de herhalingsaudit (bij verlenging), echter voor wat betreft de VCA 2008/05 niet langer dan tot 1 november 2010.
  • Na 1 november 2010 kan verlenging van certificatie alleen plaatsvinden op basis van de nieuwe versie, ook wanneer van certificatie-instelling wordt gewisseld.
  • Uitbreiding van de scope (raam van activiteiten) van het VCA certificaat kan na 1 november 2010 slechts worden verleend na toetsing op basis van de nieuwe versie.

Tot slot licht ik het meest recente certificatieniveau  - VCA Petrochemie - nog even kort toe, omdat ik in de praktijk merk dat het niet altijd even helder is. Het is uitsluitend bedoeld voor bedrijven die werkzaamheden verrichten aan (petro-)chemische installaties. Niets meer, niets minder. Voor overige werkzaamheden is VCA* (onderaannemers) en VCA ** (hoofdaannemers) de juiste keuze.  Op www.VCA.nl treft u een tabel die precies weergeeft welke certificatieniveau op uw werkzaamheden van toepassing is.

VCA Petrochemie kenmerkt zich met name door de ketenaansprakelijkheid. Dat wil zeggen dat dezelfde eisen voor zowel aannemers als onderaannemer gelden, met name gericht op het borgen van de VCA-eisen op de werkvloer bij de onderaanneming. Verder verankert dit certificatieniveau een gestructureerde beoordeling en selectie van onderaanneming en eist het een VGM- gedragsprogramma. Ook mag er uitsluitend gebruik worden gemaakt van VCU gecertificeerde uitzendbureaus wanneer tijdelijke hulp wordt ingeschakeld. De eisen zijn strenger en omvangrijker dan bij VCA* en VCA**. Reden te meer om goed te onderzoeken of u een certificatietraject conform VCA Petrochemie aansluit op uw werkzaamheden. 

(bron: SSVV)

maandag 9 augustus 2010

Column - Condooms met een gaatje

Condooms met een gaatje

Het moet mij even van het hart. We leven inmiddels in 2010 en nog steeds bereikt mij - iets te vaak dan mij lief is - de opmerking dat certificatie nietszeggend is, vooral omdat ‘je betonnen zwemvesten kunt certificeren’. Of, aan het einde van een obligate netwerkborrel wanneer de wijn in de man is; ‘ik kan ook condooms met gaatjes gecertificeerd krijgen, zolang de gaatjes maar op dezelfde plek zitten’. Ik kan u verzekeren; dat kunt u niet. Tenzij u aan kunt tonen dat uw klanten deze geperforeerde condooms hoog op hun verlanglijst hebben staan. En betonnen zwemvesten verkoopt u waarschijnlijk alleen aan wel zeer dubieuze heerschappen die er nog dubieuzere incassopraktijken op nahouden. Dat lijkt mij geen winstgevend businessmodel. Die opmerkingen komen meestal van eigenaren van bedrijven die niet gecertificeerd zijn, óf van mensen die werken bij een bedrijf dat wel gecertificeerd is maar dat niet zo helder richting het personeel heeft gecommuniceerd. Vrijwillig aangewezen kwaliteitsmanagers die eigenlijk boekhouder zijn, bijvoorbeeld.

Ik luister braaf, lach uiterst vriendelijk en leg dan in Sesamstraattaal uit hoe de norm - voor het gemak de alom bekende ISO 9001, inmiddels 2008 - in elkaar zit. Maar hoe komt het nou, dat slechte imago? Uiten de talloze organisaties die er duidelijk veel baat bij hebben het wellicht te weinig? Maken adviesbureaus er raketwetenschap van, of gooien ze juist een ‘knip-en-plak-handboek’ over de schutting? Worden frustraties onder een vergrootglas gelegd? Of is het nog de nasleep van de allereerste lichting tamelijk rammelende normen? U mag het zeggen. Wat ik wel weet is dat certificatie werkt. Ieder managementsysteem levert resultaat. Mits het goed is geïmplementeerd.

En als het u goed is gelukt. En u plukt de vruchten. Wilt u het dan alstublieft doorvertellen?



Sinds de 5e editie van jaargang 26 (kortom; afgelopen juli) schrijf ik een column in het vakblad "Kwaliteit in Bedrijf".  Ik wil u die natuurlijk niet onthouden. Hier las u de tweede. 

Alle columns krijgen  - hoe toepasselijk - het label "column".

maandag 12 juli 2010

Column - Verstoppertje

Sinds de 5e editie van jaargang 26 (kortom; afgelopen juli) schrijf ik een column in het vakblad "Kwaliteit in Bedrijf".  Ik wil u die natuurlijk niet onthouden. Hieronder de allereerste. 

Alle columns krijgen  - hoe toepasselijk - het label "column". 

Verstoppertje

Vrijwel ieder zichzelf respecterende organisatie voert – veelal – jaarlijks een klanttevredenheidsonderzoek uit. U ook natuurlijk. Hulde. Zo weet u tenminste hoe uw klanten over u denken en wat u moet verbeteren om ze nog blijer te maken (want ontevreden klanten heeft u natuurlijk niet). En weet u waarom u geen ontevreden klanten hebt? Die zijn al weg. Pats. Gemiste kans. Het is namelijk zeer de vraag wat de waarde van uw onderzoek is. Heeft u al eens kritisch gekeken naar de vragen die u stelt, hoe u ze formuleert en vooral; aan wie u ze stelt? Klinkt logisch, maar ik zou de breinen achter deze onderzoeken niet graag als kostganger hebben.

Ik herinner me een opdrachtgever die aangaf over een hele bijzondere selectie van het klantenbestand te beschikken, speciaal bedoeld voor klanttevredenheidsonderzoeken. “Die zijn toch altijd blij”, zo redeneerde hij. Het leverde tijdens externe audits altijd zo’n – in zijn ogen – zinloze discussie met de auditor op wanneer een klant een klacht had geuit. “Dan vraagt zo’n man hoe we de klacht op hebben gelost en of we ervan geleerd hebben, wat een gedoe. Nee, dan zorg ik wel dat we geen klachten krijgen. Kan ik gewoon verder met mijn werk”. Tja.

De vraag is; wilt u oprecht verbeteren? Wilt u wel weten wat de klanten écht van uw product en/of dienst vinden? Het is ook best een beetje eng. En soms doet het ook best een beetje zeer, maar wat is er mooier dan gratis informatie? Of excelleert u liever in het spelen van verstoppertje? Dat mag, hoor. Maar ik vermoed dat de organisaties die precies weten wat er omgaat in hun klanten een langer en succesvoller leven beschoren zijn. Sterker nog, ik weet het zeker.

donderdag 27 mei 2010

Een hap eten en gratis hulp - de ISOLUNCH

Hadden we u eigenlijk al eens verteld over de ISOLUNCH? Nee, he? Gek eigenlijk. Want we doen het al een jaar.

Dat  komt zo: omdat bij ons de teller niet direct gaat lopen, gaven we in de praktijk vrij vaak en vooral veel gratis advies weg. Vinden we verder prima. Maar echt handig was het niet. Temeer we met enige regelmaat hetzelfde verhaal aan het afdraaien waren. Geeft niets, maar dat kon volgens ons wel beter. Daarom bedachten we de ISOLUNCH (een lunch bij ISOLEASE wordt immers in de volksmond al snel een ISOLUNCH). En we doet het iedere maand. Gewoon, omdat we dat leuk vinden. 

En wat is dat dan, zo'n ISOLUNCH?
U komt gezellig bij ons langs (u heeft dan 5 disgenoten). Eten moeten we immers allemaal. U stelt ons in een uur tijd al uw prangende vragen en wij geven daar graag naar beste kunnen antwoord op (geen zorgen; niet met volle mond). En dat is helemaal kosteloos. Zowel de lunch als de antwoorden.

Wanneer u ons vragen stelt in ons eigen vakgebied, heeft u de meeste kans op een bevredigend antwoord. We weten namelijk niet zoveel van kernfusie en ook als uw interesse uitgaat naar de leefomgeving van de bladsprietkever kunt u beter iemand anders inschakelen.

Voor wie? 
Een ISOLUNCH is bedoeld voor iedereen die behoefte heeft aan meer informatie op het gebied van kwaliteit, arbo en milieu in het algemeen en certificatie en verbetering in het bijzonder. Onze gasten zijn overwegend ondernemers en beslissers. Het gebeurt daarom niet zelden dat er stevig genetwerkt wordt. Vinden we ook prima.

Voor details, regels (want die zijn er ook) en planning kunt u het beste even hier klikken. 

Wel even aanmelden hoor. Het loopt inmiddels storm.

maandag 17 mei 2010

Nieuw jasje...


Soms is het even nodig. Een nieuwe outfit. En dat geldt ook voor blogs. De onze in dit geval. We hebben niet alleen een nieuwe look, maar we zijn ook los gegaan op accessoires. Zo hebben we een heuse tag cloud, een zoekfunctie en zelfs extra pagina's. 

En neemt u van ons aan; we zijn nog lang niet uitgestyled (voor zover dat een woord is). We hebben de smaak te pakken.

Dus houdt deze blog niet alleen in de gaten voor inhoudelijke nieuwigheden. Er zou zomaar cosmetisch ook wat veranderd kunnen zijn, als u even niet oplet.


vrijdag 23 april 2010

VCA versie 5.1

Met ingang van 1 april jl. is een nieuwe versie van VCA van kracht. De 5.1 versie om precies te zijn. Niet schrikken, de wijzigingen vallen erg mee. De veranderingen - met name in de procedure en de bijlagen - zijn het gevolg van de inwerkingtreding van de nieuwe norm ISO/IEC 17021 (accreditatienorm voor certificatie instellingen). Op www.vca.nl is alles ruimschoots omschreven. De wijzigingen zijn eerder een verduidelijking van de 5.0 versie dan een concrete verandering. Een overzicht treft u hier.

En dan is er natuurlijk nog een overgangsregeling. Deze zit iets anders in elkaar dan gebruikelijk. Als volgt:

  • Vanaf 1 mei 2010 dienen nieuwe contracten voor VCA certificatie te worden gebaseerd op VCA versie 2008/5.1.
  • VCA certificatie die is gecontracteerd vóór 1 mei 2010 kan nog worden gebaseerd op de oude versie (VCA versie 2008/05), met dien verstande dat na 1 november 2010 geen VCA certificaten meer mogen worden verstrekt op basis van VCA versie 2008/05.
  • Tussentijdse audits worden afgehandeld op basis van de VCA versie die is gehanteerd bij de initiële audit, respectievelijk de herhalingsaudit (bij verlenging), echter voor wat betreft de VCA 2008/05 niet langer dan tot 1 november 2010.
  • Na 1 november 2010 kan verlenging van certificatie alleen plaatsvinden op basis van de nieuwe versie, ook wanneer van certificatie-instelling wordt gewisseld.
  • Uitbreiding van de scope (raam van activiteiten) van het VCA certificaat kan na 1 november 2010 slechts worden verleend na toetsing op basis van de nieuwe versie.

Bij vragen weet u ons te vinden.

donderdag 1 april 2010

Veilig Pasen

Volgens mij zijn feestdagen ronduit gevaarlijk. Zo maken we er jaarlijks een sport van om op wankele trapjes glazen ballen in een doorgaans makkelijk ontvlambare boom te hangen, waarna we massaal onze resistentie voor Salmonella testen. Daags erna steken we collectief - vlak voor onze voordeur nog wel - explosieven af om het nieuwe jaar in te luiden.


En nu is het tijd voor Pasen. Ook doodeng natuurlijk. Vooral uit voedselveiligheidsoverwegingen.


Paaseieren zoeken klinkt als een berg familielol (nou ja…), maar weet u wel waar die eieren vandaan komen, hoe ze gekleurd zijn en vooral hoelang ze al in de - hopelijk - warme zon op u liggen te wachten?


We zijn de moeilijkste niet. Hieronder een aantal top tips om de Paasdagen voedselveilig door te komen (we laten de obligate meubelboulevards en schoonfamilie buiten beschouwing).


1. Gebruik andere eieren voor het decoreren en de speurtocht dan voor consumptie. Of als u echt het zekere voor het onzekere wil nemen; verstop plastic eieren. Chocola is natuurlijk een zalig alternatief, maar vergeet hierbij ook de effecten van de zon niet.


2. Houd alles schoon. Was gebruiksvoorwerpen, werkbladen en andere oppervlakken die met de eieren in contact komen. Dat geldt ook voor het handen wassen natuurlijk.


3. Kleur de eieren die u – en uw kind – gaat eten uitsluitend met kleurstof die speciaal voor voedsel is bestemd. Deze vindt u in iedere goede supermarkt.


4. Houd hard gekookte eieren die bestemd zijn voor consumptie zo lang mogelijk in de koelkast.


5. Controleer de temperatuur van uw koelkast en zorg dat deze 5 °C of kouder is.


6. Laat niemand eieren eten die meer dan twee uur ongekoeld bewaard zijn.


7. Als u het rauwe ei zelf door de eierschalen blaast, zou u zichzelf bloot kunnen stellen aan Salmonella. Uw mond raakt immers het rauwe ei aan. Was het ei in heet water om dit te voorkomen. En nu komt het; spoel het in een oplossing van 1 theelepel bleekwater op een half kopje water. Goed afspoelen hierna!


8. En mocht u nu van plan zijn om het uitgeblazen rauwe ei het bakken, doe dat dan direct. Niet bewaren.


9. Niets is eeuwig houdbaar. Zelfs hard gekookte eieren die goed zijn gekoeld moeten binnen 7 dagen na het koken worden gegeten.


10. Toch op jacht naar echte eieren? Let dan op scheuren in de eierschalen. Zelfs in kleine scheurtjes in het ei voelen bacteriën zich thuis.


U bent er helemaal klaar voor.


De Paashaas heeft inmiddels een enorm arbo-verantwoord mandje in gebruik en draagt enthousiast zijn nieuwe veiligheidsschoenen.


En o ja, als u het zich kan veroorloven; koop EKO eieren. Daar doet u de kippen ook een groot plezier mee.

Fijne Paasdagen!